bianchi

bianchi

Voor het winkeltje van Gaetano staan twee oranje plastic stoelen. Je kunt er in de zon je koffie opdrinken, maar dat doet bijna niemand. Waarschijnlijk omdat de stoep maar smal is en de ene na de andere auto er pal voor je voeten parkeert, om twee minuten later, met een brood of een paar tomaten op de passagiersstoel, weer weg te rijden. Vandaag komt hier de Ciclostorica La Leonessa langs, een fietstocht van Pelago naar Consuma en via Pomino en Rufina terug naar Pelago. Dat ziet er op de kaart uit als een vrolijk rondje van zo’n 90 kilometer, maar de werkelijkheid is anders. De ene ontmoedigend steile helling na de andere, die bergop je bovenbenen in brand doen vliegen en je in de afdaling het koude angstzweet op je voorhoofd bezorgen, al is het maar vanwege de talloze verraderlijke gaten in het asfalt. Het is de bedoeling dat je de Leeuwin met een klassieke racefiets, een bicicletta d’epoca te lijf gaat. Dat is niet het domein van twintigers en dertigers, dus zien we vandaag een gestage stroom grijzende mannen op oogstrelend slanke fietsjes aan onze cappuccino voorbijtrekken. Ze zijn fit, sterk en goed gesoigneerd, maar jaren van goed eten en zittend werk hebben hun sporen onontkoombaar nagelaten. De combinatie van stevige posturen en ragfijne frames doet me denken aan de wielrenners van Dik Bruynesteyn. De pastelkleurige buizen blinken in de voorjaarszon en vormen een onweerstaanbare match met de wielertenues van weleer, die ze bijna allemaal hebben opgediept en aangetrokken. Met zoemende banden en ratelende dérailleurs razen ze voorbij. Soms voorzien van een ontspannen glimlach, dan weer met een...
zwart-wit

zwart-wit

Een witte rookpluim die opstijgt uit de brede voorgevel van een paleis. Een bebrilde president met een helm op zijn hoofd die gespannen omhoogkijkt, meer bezorgd dan angstig. Alle beelden die ik van Chili heb, zijn in zwart-wit. In full colour is La Moneda een stuk witter dan op de grimmige foto’s van 11 september 1973. De kogelgaten van toen zitten nog in de muren, heb ik gelezen, maar 45 jaar na dato mogen wij alleen met een ruime boog om het presidentiële paleis heen lopen. De hekken die ons op afstand houden zijn ook wit, net als de uniformen van de mannen die de wacht houden. In het vergeetachtige zonlicht doet het pijn aan je ogen. De coup maakte indruk, toen. Ik was pas tien, maar keek wel naar het journaal. En ik las de krant, al beperkte zich dat tot de voor- en sportpagina (pagina 7) van Het Binnenhof. De gotische letters van de krant staan me nog streng voor ogen. Is de krant er al? De plof op de deurmat, om een uur of vier ‘s middags, een feestelijk moment. Maar ik dwaal af. Dat gedoe in Chili, dat hield me dus bezig. Ik verkeerde destijds in linksige kringen, moet u weten. Onder de intellectueel-revolutionaire opinievormers van die dagen, opmerkelijk vaak vertegenwoordigers van de gegoede burgerij, stond het vast dat de socialistische president Salvador Allende in zijn land druk bezig was het paradijs op aarde tot stand te brengen. Dat die heilsstaat in wording in de knop gebroken werd, was misdadig. Tegelijkertijd kwam het goed uit, want de posters van Che begonnen sleets te worden; hoog...
napa puri

napa puri

Deel 3 in de serie Treurige Taferelen – – – Het viel me de laatste tijd al op dat menig dorpeling schielijk overstak wanneer ik monter en ontspannen aan kwam wandelen. Ik ging er vanuit dat het aan mijn ondanks de onstuitbaar klimmende jaren nog altijd onverminderd imposante schouders en intimiderende voorkomen te danken was. Maar nu twijfel ik. Nietsvermoedend kocht ik in het voorjaar van 2017 in een slaperig Italiaans provinciestadje een olijfgroen vest. Zie ik onlangs op televisie dat de Harde Kern van een van onze bekendste voetbalsupporterssociëteiten tegenwoordig keurig geüniformeerd op de tribune plaatsneemt. En dat ze daarbij hun oog hebben laten vallen op uitgerekend hetzelfde merk waarvan ik een jaar geleden een aantrekkelijk ogend en comfortabel zittend vest...
internationale vrouwen

internationale vrouwen

Het is bijna een traditie geworden om in deze virtuele kolommen aandacht te besteden aan Internationale Vrouwendag. Bijna een traditie betekent in dit geval dat ik het drie jaar geleden deed en dat ik ervan uitga dat veel mensen op 8 maart ‘kalmenwaardig feminisme’ googlen. Dit jaar was ik de internationale vrouwen eerlijk gezegd een beetje vergeten. Ik dacht dat we alles onderhand wel geregeld hadden, met gelijke betaling, meer vrouwen in de raad van bestuur en dat soort dingen. Er zijn immers veel bemoedigende signalen. Zo zag ik een interview met Sigrid Kaag, onze meest vooraanstaande Internationale Vrouw van dit moment, in Nieuwsuur en vroeg me af waarom er eigenlijk nog een vervanger voor Halbe Zijlstra nodig was. En ergens anders las ik dat steeds meer meisjes loodgieter willen worden, dus volgens mij zijn we er wel zo’n beetje. Nou. Nee. NOS.nl, vanochtend. (5.16 uur, aangepast om 8.30 uur) ‘Nieuwe Schiphol-baas wordt weer een man.’ Volgens het bericht nodigt de luchthaven voor de vacature die ontstaat wanneer de huidige topman Jos Nijhuis vertrekt, alleen mannelijke kandidaten uit. Momenteel is de verhouding in de raad van bestuur twee om twee, zegt de woordvoerder, en Schiphol streeft ernaar dat voor de balans zo te houden. Die redenering is in stompzinnigheid nauwelijks te overtreffen, maar op Schiphol gebeuren wel meer verbijsterende dingen, blijkt uit een andere uitspraak van de woordvoerder. Om te benadrukken dat topman Nijhuis bij Schiphol veel voor ‘de vrouwenzaak’ heeft gedaan, zegt hij: ‘Toen Nijhuis aantrad, bestond het bestuur uit vier mannen. Hij heeft daar twee vrouwen en twee mannen van gemaakt.’ Eén ding weet ik zeker: ik...
hiphop

hiphop

Ik reisde naar Londen af voor Musicaltherapie. Mede omdat we al op de luchthaven her en der zingende en dansende collega’s van de Dochter tegen het naar voetlicht en applaus hunkerende lijf lopen, heeft het Bill van Dijk gevoel me volledig in zijn greep tegen de tijd dat we op Trafalgar Square voor de National Gallery langs wandelen. We gaan niet naar binnen. Een dag later bungelen mijn benen enigszins in verwarring over de rand van het krap bemeten hotelbed. Musical is niet meer wat het geweest is. Gisteravond namen we plaats in het verrukkelijk versleten Noel Coward Theatre voor Girl From The North Country. Op het podium ontrolde zich een Depressief zootje ongeregeld dat te pas en te onpas moeilijke Dylanliedjes inzette. Vroeger, bij Mamma Mia en zo, paste zo’n tekst dan keurig in het verhaal, maar dat moesten we nu zelf allemaal maar een plaats geven. Daar zat ik met mijn geföhnde haar toch wat onwennig naar te kijken en luisteren. Vanochtend wees de Dochter me op een filmpje van een optreden dat plaatsvond toen het in het Witte Huis nog gezellig was, in 2009. Een man met een losgewrongen stropdas rapt zich door een zelfbedacht versje, dat gaat over een andere man van wie ik de naam nooit had kunnen onthouden als het niet óók de titel van een musical was die vandaag de dag volle zalen trekt, om het voorzichtig uit te drukken. De rapper heet Lin-Manuel Miranda en die naam stelt me even gerust, maar hij rapt dus wel. Terwijl ik dacht dat ik naar musical ging kijken. Het hiphopnummertje van die avond in...
moed

moed

Van tijd tot tijd ontvang ik per e-mail een nieuwsbrief van een enthousiaste onderneming in de consultatiebranche. Heerlijk om te lezen. Al is het maar omdat ik de adviseurs in kwestie al jaren op de voet volg, maar nog altijd niet heb kunnen ontdekken wat ze nu eigenlijk doen voor de kost. Of maken. De verhalen en afbeeldingen in de mailings en op de achterliggende website geven een fascinerend inkijkje in het leven van de consultants. Stuk voor stuk leiden ze een enerverend bestaan, waarin ze veranderingen omarmen, grenzen verleggen en zichzelf dag in dag uit verrijken. Geestelijk, uiteraard. Om het kort en eigentijds te zeggen: deze levenskunstenaars doen bij voortduring gáve dingen. Meestal héél vroeg en héél ver weg. Met dikke, felgekleurde jacks aan en sneeuw in hun baard. Op plekken waar de elementen vrij spel hebben en je doorlopend weidse vergezichten voorgeschoteld krijgt. Ik denk dat ze ook allemaal een bucketlist hebben. Een lange, vermoedelijk. In de mailing van vandaag heeft mijn favoriete adviesfabriek een confronterende vraag voor me. Wat is jouw moedmotief? Moedmotief. Ik heb geen flauw idee en dat is niet zo best. Want volgens de enigszins meanderende tekst, gekruid met hier en daar een subtiel taalfoutje, is het belangrijk om het duidelijk te hebben. Het heeft iets te maken met de valkuilen van je emoties en irrationaliteit, je verstand gebruiken en voorkomen dat je verkeerde beslissingen neemt. Je moedmotief is de drijfveer die je in staat stelt moed te tonen. Tja. Zo had ik het nog niet bekeken. Over een paar weken is er een congres annex inspiratiemiddag, waarop een heuse Poolreiziger verteld (sic)...
intocht

intocht

Vooruit dan maar. Kalm en Waardig mengt zich voor één keer in de zwartepietdiscussie en daarna houden we ermee op. Niet alleen met de discussie, maar met het hele Sinterklaasgedoe. Laten we eerlijk zijn: de lol is er af. Omdat in ieder mens een apologist schuilt, heb ik nog een tijdje volgehouden dat er niks mis was met die zwarte knecht. Maar toen Gerda van Sesamstraat het ruim dertig jaar geleden eens rustig en vriendelijk aan me uitlegde, begreep ik dat er een verschil is tussen gevoel voor traditie en stijfkoppigheid. Bij anderen kwam het inzicht wat later, toen het er al lang niet meer rustig en vriendelijk aan toe ging. Vandaag de dag willen nog een paar dubieuze landgenoten vasthouden aan de jaarlijkse viering van een chic stukje vaderlandse geschiedenis. Van een racistische inborst heb je een leven lang plezier en het komt in de beste families voor; niets om je voor te schamen.  Hoe dan ook, voor mij hoeft het niet meer zo nodig. Laat de intocht van de Goedheiligman maar zoiets worden als de Oranjemarsen in Noord-Ierland; een mooie gelegenheid voor fanatici om elkaar te provoceren en de hersens in te slaan. Gaan wij ondertussen met de kleintjes ergens anders iets gezelligs doen. Hier op zolder liggen twee prachtige kostuums van Sint en Piet, compleet met staf, zo goed als nieuw. Voor € 500,- af te halen. Niet goedkoop, maar een bedenkelijke hobby mag wat kosten, toch? Zo. Opgelost. Tijd om verder te gaan en ons druk te maken over echte problemen. Wat dachten we van een vlag in het...
een jaar verder

een jaar verder

Is een jaar genoeg om ergens aan te wennen? Ja, voor de meeste veranderingen is een jaar ruim voldoende. Een paar voorbeelden.   – Een hond in huis. Prima te doen in een jaar. Een paar weken is eigenlijk al genoeg.  – De muis van de computer bedienen met je linkerhand. Je zou verwachten dat zoiets na een jaar of dertig een onoverkomelijke hindernis vormt, maar nee hoor, valt reuze mee. In een handomdraai gebeurd.  – Een andere auto. Ook opmerkelijk. Jarenlang heb je onderweg de meest intieme plekjes van je oude vertrouwde Italiaan blindelings gevonden, maar binnen een dag betast je de nieuwe Fransman alsof je ‘m al jaren kent. Het is van een ontnuchterende trouweloosheid, maar het is niet anders.  – Een baard. Ik ken pseudo-hipsters bij wier aanblik ik na járen nog in de lach schiet. Maar mijn eigen ongeschoren kaken voelden al binnen een paar dagen als thuiskomen.   – Een WK zonder Oranje. Ik weet het niet zeker, maar ik denk dat we er na zo’n negentig minuten helemaal overheen zijn.  – Dochters met tattoos. Ik kijk er niet naar uit. Maar liefde overwint alles, dus ik zal er niet meer dan vijf minuten voor nodig hebben.  Maar alles? Nee. Niet álles went in een jaar....
stropdas

stropdas

Politiek geëngageerd zou ik mezelf niet willen noemen. Ik ben bijna altijd lief voor bijna iedereen. En bijna iedereen is bijna altijd lief voor mij. Veel ingewikkelder hoeft het wat mij betreft niet. Ik vind de politiek interessant om te volgen, maar niet om aan mee te doen. Tot je er ongewild bij betrokken raakt, dan moet je wel. Iemand wees me onlangs op een stropdas en vroeg me wat ik ervan vond. Nu ben ik in stropdassen eigenlijk alleen geïnteresseerd als ik ze aan stukken kan trekken, maar met deze was iets bijzonders. Het is de stropdas van een politicus en ik sta erop. Niet één keer, maar wel een keer of twintig. In zo’n geval kun je je als a-politieke allemansvriend niet langer afzijdig houden. Je wilt tenslotte wel even weten om wiens nek je precies geknoopt zit. Dat viel niet mee: Alexander Gauland. Een alternatief uit Duitsland. Op het eerste gezicht leek het me nog wel een prima baas. Weggezakte ogen, slappe wangen. Hij deed me wat denken aan een Basset, met de neus van een Teckel. Maar toen ik me in hem verdiepte, begon ik te twijfelen. Ik heb sterk de indruk dat hij lang niet altijd lief is en al helemaal niet voor bijna iedereen. Ik wil niet te snel oordelen, maar de dingen die hij zegt, doen me denken aan een tijd die ik gelukkig niet heb meegemaakt, omdat ik pas negen maanden oud ben. Dus mag ik eraf, van die stropdas? (En dan nog iets. Mijn baas heeft er moeite mee dat Thierry Baudet sinds enige tijd een soort van baard heeft, net als hij. Dus of die...
circus

circus

Basisschool De Windwijzer in Almere is vandaag niet dicht, zoals veel andere scholen, maar de kinderen krijgen ook geen les. In plaats daarvan organiseert de school een ‘circusdag’. Ik houd niet van circus. Gematigd enthousiast was ik dan ook, toen de Dochter, die destijds in groep 3 of 4 zat, zich aanmeldde voor een Circuscursus. Maar omdat je als positief ingestelde ouder áltijd achter je kind staat, stemde ik ermee in. Twaalf woensdagmiddagen lang zouden twee enthousiaste jonge juffen haar de fijne kneepjes van het circusvak bijbrengen. Met een heuse Voorstelling als afsluitende les en onvermijdelijk hoogtepunt. Toen de grote dag aanbrak, ging ik met enige tegenzin het rommelige zaaltje in dat dienst deed als piste. Mijn verwachtingen waren niet hooggespannen. Van kinderen van een jaar of zes maak je in drie maanden tijd geen volleerde acrobaten, verbluffende jongleurs en hilarische clowns, dat begreep ik ook wel. Helaas bleek de lat nóg lager te liggen dan ik al vreesde. Een blond jongetje dat met een bang gezicht op een eenwieler ging zitten, werd met twee handen vastgehouden en viel na anderhalve meter gestuntel met juf en al om. De Domme August keek doelloos om zich heen en was blijkbaar twaalf weken lang niet op de hoogte gesteld van het feit dat hij geacht werd om onhandig of grappig te zijn. De Dochter jongleerde – met één kegel. En die bevond zich vaker op de grond dan in de lucht. Na een kwartier was het gelukkig al voorbij. De helft van het hooggeëerde publiek wist nog een mager applausje voort te brengen, de andere helft staarde verbijsterd voor zich uit....