cox

Het narcisme bloeit als nooit tevoren. Eén van de momenten waarop de beweging zich van haar meest inspirerende kant laat zien, is bij het heengaan van een celebrity. Binnen enkele minuten na de aankondiging van een bekende overledene duiken her en der op de sociale media verhalen en afbeeldingen op waaruit moet blijken hoe belangrijk de held of heldin van wie we helaas afscheid moeten nemen wel niet is geweest in het leven van de afzender. Of andersom. 

How do I make this about me? In het geval van Gerard Cox vind ik dat niet zo’n karwei. Op 21 februari 1996 reden mijn toenmalige geliefde (die toevalligerwijs ook mijn huidige geliefde is) naar Parijs om er een concert van Bruce Springsteen bij te wonen. Toen we in Le Zénith onze plaatsen innamen, bleek de populaire acteur, zanger en cabaretier pal naast ons te zitten. Hij werd geflankeerd door Sjoerd Pleijsier, zijn co-auteur en tegenspeler. 

Jaap Kooiman en Simon Stokvis waren met de duizelingwekkend snelle Thalys naar de Franse hoofdstad gekomen, vertelden ze. Te oordelen naar de geur die de mannen omringde, was er in de trein ondanks de onwaarschijnlijk korte reistijd nog net genoeg gelegenheid geweest voor een aperitief of twee. 

Cox verzekerde ons dat hij Springsteen reeds in het allerprilste begin van diens carrière ontdekt had; al in 1970, in het Kurhaus, was hij erbij geweest, vertelde hij. Ik meende te weten dat Bruce daar nooit op het podium had gestaan en vermoedde dat hij de Amerikaanse zanger verwarde met The Rolling Stones, maar ik besloot er geen punt van te maken. Pleijsier, die net met twee grote bekers bier terugkeerde van de bar, verzekerde ons ondertussen blijmoedig dat hij zelf in het geheel niet bekend was met de artiest voor wie wij in Parijs waren; hij was voor de gezelligheid mee. 

Het concert begon en wij concentreerden ons op het gebodene. Het was een akoestische aangelegenheid, met veel verstilde momenten en een beschaafd geluidsniveau. Niet verwonderlijk dus dat naast ons de oogleden van de Bruce-fan van het eerste uur al snel zwaar werden. Berustend in het onvermijdelijke liet hij traag en teder het moede hoofd zakken tegen de schouder van zijn metgezel.

Twee uur later maakte een klaterend applaus een vriendelijk einde aan het welverdiende avonddutje. We stonden tevreden op en zagen hoe onze beroemde landgenoten, elkaar ondersteunend, voor ons uit schuifelden, op weg naar de toiletten, de uitgang en het Gare du Nord. Vertederd keken we ze na. Soms was geluk nog heel gewoon.